Ford verklaarde zojuist de oorlog aan dure elektrische pick-ups
Vergeet de F-150 Lightning. Ford zet alles op een compacte elektrische pick-up van 30.000 dollar — en het echte wapen zit verstopt onder de carrosserie.
Ford verstopt zich niet meer. Het concern wakkert openlijk de belangstelling aan voor zijn belangrijkste elektrische auto van de komende jaren — een middelgrote pick-up van zo’n 30.000 dollar. En het doet dat op een onverwachte manier: prototypes rijden al gecamoufleerd op de weg, met QR-codes rechtstreeks op de carrosserie gedrukt. Scan je er een, dan beland je op een besloten pagina met video’s van tests en montage. Marketing van de toekomst, niet minder.
De auto heeft nog geen naam, al wordt in de VS steeds luider gefluisterd over een terugkeer van de Ranchero. Wat het formaat betreft, één ding is duidelijk: dit is geen nieuwe F-150 Lightning — de wagen is veel compacter. Een vierdeurs pick-up waarvan de silhouet eerder doet denken aan de oude Ranger en de Maverick: korte motorkap, sterk hellende voorruit, bescheiden laadbak. Ford belooft acceleratie op het niveau van de Mustang EcoBoost, maar houdt de precieze cijfers achter slot en grendel. Voorlopig.
De echte spanning zit echter niet in het design. Maar in de kostprijs. De pick-up wordt het eerste model op het nieuwe Universal EV-platform, en Ford heeft in één klap op meerdere radicale oplossingen ingezet: LFP-accu’s, megacasting van aluminium delen (de carrosserie van de Maverick vraagt 146 onderdelen — hier worden het er nog maar twee), minder bevestigingen, een vereenvoudigde montage volgens het principe van de ‘montageboom’, die de productie 40 procent versnelt. De ambitie van Jim Farley grenst aan brutaliteit — uitkomen op het kostenniveau van BYD’s Mexicaanse fabrieken. De productie start in Louisville, waar vroeger de Escape en de Lincoln Corsair van de band rolden.
De markt heeft precies dit soort EV van Ford nodig — en had hem eigenlijk gisteren al nodig. De F-150 Lightning bleek te duur en te afhankelijk van de smalle vraag naar grote elektrische trucks. De Maverick toonde juist het tegenovergestelde aan: kopers willen een betaalbaar, praktisch werkpaard, geen reusachtige vlaggenschip-monster. Houdt Ford de prijs rond de 30.000 dollar en biedt het een fatsoenlijke actieradius, dan heeft het iets zeldzaams in handen — een elektrische pick-up niet voor het imago, maar voor de massale koper.
Maar een goedkope EV beloven is één ding. Hem met winst verkopen iets totaal anders. Een LFP-accu is inderdaad goedkoper en duurzamer, maar ook zwaarder — en een pick-up heeft actieradius, laadvermogen en trekkracht broodnodig. Op die flinterdunne balans wordt het lot van het project beslist. Wordt het de ‘nieuwe Model T’ waarvan Farley droomt? Of wordt het opnieuw zo’n mooi anticrisisplan, waarvan Ford er in zijn geschiedenis al heel wat heeft gehad?