Spaanse auto's gemiddeld 14,5 jaar oud, ouder dan EU-gemiddelde
Volgens ACEA-cijfers uit 2024 is de gemiddelde leeftijd van personenauto's in Spanje 14,5 jaar, boven het EU-gemiddelde van 12 jaar. Meer dan helft van het wagenpark is ouder dan 10 jaar.
Volgens officiële cijfers van de Europese vereniging van autofabrikanten (ACEA) uit 2024 is de gemiddelde leeftijd van personenauto's in Spanje ongeveer 14,5 jaar. Dat ligt flink boven het Europese gemiddelde van rond de 12 jaar.
Spanje telt bijna 26,4 miljoen geregistreerde voertuigen, waarvan het overgrote deel uit oudere modellen bestaat. Meer dan de helft van het wagenpark – 16,6 miljoen eenheden – bestaat zelfs uit auto's van tien jaar of ouder. In de praktijk betekent dit dat elke tweede auto op de Spaanse wegen minstens een decennium oud is.
Dit patroon is niet uniek voor Spanje. Ook in andere Europese landen, zoals Portugal (14,1 jaar), Roemenië, Polen en Griekenland, is de gemiddelde levensduur van voertuigen hoog. In Griekenland overschrijdt die zelfs de 17 jaar.
De trend zet zich voort bij bedrijfswagens. In Spanje zijn bestelwagens en lichte bedrijfsvoertuigen gemiddeld ongeveer 14,7 jaar in gebruik, wat duidelijk boven het Europese gemiddelde van 12,9 jaar ligt. Voor zware vrachtwagens zijn de cijfers nog opvallender: hun gemiddelde levensduur bedraagt 15,1 jaar, bijna een vol jaar meer dan het EU-gemiddelde van 14 jaar.
Positief is dat het Spaanse buspark relatief jong is vergeleken met andere Europese landen. Met een gemiddelde leeftijd van ongeveer 11,5 jaar doet het niet onder voor dat van Frankrijk en Duitsland.
Toch zijn er ook landen met een heel ander beeld. Luxemburg heeft het jongste wagenpark van Europa, waar auto's gemiddeld slechts 8,2 jaar meegaan. Griekenland voert de lijst aan met het oudste wagenpark in de EU, waar voertuigen gemiddeld bijna 18 jaar in gebruik blijven.