Consumer Reports heeft uitgebreide tests uitgevoerd waarin de praktijkactieradius van bijna dertig elektrische auto's werd vergeleken met de officiële EPA-cijfers. De proeven vonden plaats op snelwegen met een snelheid van 70 mijl per uur, onder omstandigheden die nauw aansluiten bij het daadwerkelijke Amerikaanse rijgebruik.

Tot verrassing kwam BMW als koploper uit de bus. Gemiddeld leverden de elektrische modellen van het merk 18 tot 19 procent meer actieradius dan geadverteerd. Zo legde de i4 51 mijl meer af dan de opgegeven waarde, terwijl de i5 zijn rating met 45 mijl overtrof.

Ook Mercedes-Benz en Mini presteerden goed, met een verbetering van ongeveer 12 procent ten opzichte van hun opgegeven cijfers. Over het geheel genomen bleken Duitse merken het meest accuraat – en zelfs ruimhartig – in hun schattingen.

Koreaanse fabrikanten kwamen bijna perfect overeen met hun officiële specificaties. Amerikaanse merken waren daarentegen minder consistent: Tesla hield over het algemeen zijn beloften, hoewel sommige modellen achterbleven, terwijl Rivian, Lucid en Ford opvallende tekorten lieten zien.

Deskundigen wijzen erop dat EPA-cijfers rekening houden met gemengde rijcycli, waardoor veel auto's onvermijdelijk minder actieradius halen op snelwegen. Het overschrijden van de geadverteerde getallen is echter een zeldzame en veelzeggende prestatie.

In de praktijk laat de test een belangrijke verschuiving in de industrie zien: autofabrikanten hanteren uiteenlopende benaderingen bij het vermelden van hun specificaties. Sommigen creëren een ‘vertrouwensmarge’ door conservatieve cijfers te noemen, terwijl anderen op papier competitiever willen lijken. Voor kopers betekent dit dat het absolute actieradiusgetal minder belangrijk is dan de reputatie van het merk voor nauwkeurigheid – een factor die steeds meer de praktijkperceptie van het voertuig bepaalt.