BMW voert momenteel onderhandelingen met de Europese Commissie over een minimumprijs voor elektrische Mini-modellen die vanuit China worden geïmporteerd. Dit zou de huidige speciale tarieven vervangen. Het gaat hierbij om de Mini Aceman en de Mini Cooper, die worden geproduceerd in de Spotlight Automotive-fabriek in Zhangjiagang – een joint venture tussen BMW en Great Wall Motor.

Op dit moment worden deze elektrische voertuigen in de EU geconfronteerd met een speciale heffing van 20,7%, bovenop het standaardtarief van 10%. Volgens bronnen lopen er gesprekken om dit tarief te vervangen door een minimumprijsmechanisme, vergelijkbaar met dat voor de Cupra Tavascan van Volkswagen.

Om voor een dergelijke regeling in aanmerking te komen, moeten fabrikanten aan verschillende voorwaarden voldoen: een vaste minimumprijs, een jaarlijks leveringsquotum, formele exporteisen en gedetailleerde rapportage met de mogelijkheid van audits door de Europese Commissie. In januari publiceerde de toezichthouder richtlijnen over deze prijsverplichtingen.

Sinds eind 2024 gelden speciale heffingen voor batterij-elektrische voertuigen en range-extendermodellen die in China worden geproduceerd. De toeslagen voor verschillende producenten variëren van 7,8% tot 35,3%, exclusief het basistarief. BMW daagt deze tarieven ook voor de Europese rechter uit en hoopt voor een uitspraak tot een overeenkomst te komen.